De fiscale behandeling van dividenden uitgekeerd door erkende coöperatieve vennootschappen, zoals Bronsgroen cvba-so, is gewijzigd sinds het Zomerakkoord, Programmawet 25 december 2017. De vroegere vrijstelling voor dividenden van erkende coöperatieve vennootschappen – tot maximaal 190 euro per belastingplichtige per jaar- wordt vanaf 2018, dit is het aanslagjaar 2019, geïntegreerd in een ruimere vrijstelling voor alle dividenden aan particulieren. En dit tot een bedrag van maximaal 640 euro aan dividenden per belastingplichtige per jaar. Voor de in 2019 ontvangen dividenden, dus aanslagjaar 2020, zal het vrijgestelde bedrag 800 euro bedragen.

De vrijstelling wordt ook niet langer aan de bron – bij de coöperatie – toegepast, maar wel via de aangifte in de personenbelasting.

Dus de belastingplichtige moet zelf de som maken van het totale bedrag van dividenden. In de mate er op die dividenden roerende voorheffing is ingehouden, kan tot max. 192 euro – 30% van 640 euro – via de aangifte in de personenbelasting – via codes 1437-18 en 2437-18 – verrekend worden met de verschuldigde personenbelasting en desgevallend terugbetaald worden.

Vrijstelling van Roerende Voorheffing: hoe zit dat?
Vrijstelling van Roerende Voorheffing: hoe zit dat?